Een journalistenkamer

“En dit”, mijn huisgenoot Rik zwaait mijn kamerdeur open, “is nou een ├ęchte journalistenkamer.” Ik veer een beetje op, uit schaamte voor de bende. Wat moet die onbekende gast wel niet denken? “Een journalistenkamer?”, vraag ik.

Zou het komen door m’n bureau die bezaaid ligt met papieren, met onder andere gecorrigeerde reportages voor ons publiekstijdschrift? Of wellicht door m’n Macbook die erbovenop ligt: als je journalistiekstudent zonder Apple-logo op je laptop hoor je er niet bij.

Oh, wacht, mijn spiegelreflexcamera die aan de kapstok hangt? Of nee, het is het nieuwe boek van Joris Luyendijk dat half open ligt op mijn bed.

Rik: “Ach, omdat het hier zo’n vreselijke bende is.” Oh.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>